SANDY’S OVERDENKING

• By Sandy Shoshani

SANDY’S OVERDENKING

Jezus wist dat de Vader alle dingen onder zijn macht had gesteld, en dat hij van God was gekomen en naar God zou terugkeren; daarom stond hij op van de maaltijd, deed zijn bovenkleding uit en bond een handdoek om zijn middel. Daarna goot hij water in een waskom en begon de voeten van zijn discipelen te wassen, waarna hij ze afdroogde met de handdoek die hij om zich heen had gebonden. Johannes 13:3-5

„Ons hart is gereinigd van een slecht geweten en ons lichaam is gewassen met zuiver water.” Hebreeën 10:22

Johannes beschrijft Jezus’ handelingen met eenvoudige, korte woorden: Hij stond op / Hij trok Zijn kleren uit / Hij wikkelde een handdoek om… Krachtige woorden van liefde, nederigheid en dienstbaarheid.

Ik stel me voor dat ik aan tafel zit met Jezus – mijn voeten vuil, modderig en bedekt met stof – en onze geweldige Heer neemt mijn voeten in Zijn handen, giet er water overheen, wrijft het vuil eraf en veegt ze af met de handdoek die Hij om Zichzelf heeft gewikkeld. Hij wast niet alleen onze voeten – maar wast ook onze zielen en gewetens met Zijn bloed dat voor ons is vergoten. Moge ieder van ons zichzelf zien zitten bij Hem en gewassen worden in Zijn liefde. Mogen we anderen met Zijn liefde zien – hen wassen in plaats van bekritiseren – en niet vergeten hen lief te hebben zoals Hij ons heeft liefgehad.

Het is gemakkelijk voor ons om mensen met vuile voeten te bekritiseren in plaats van ze te wassen. „In de wereld wordt er kritiek geuit; dit is de taak van de openbare pers, en het is ook in hoge mate de taak van privékringen. Luister eens hoe roddelaars zeggen: ‘Zie je die vlek? Wat een vreselijke wandeling moet die man vanmorgen hebben gehad: kijk eens naar zijn voeten! Hij heeft duidelijk veel in de modder gelopen, want daar zijn de sporen van te zien.’ Dat is de manier van de wereld. De manier van Christus is heel anders. Hij zegt niets, maar neemt de waskom en begint de vlek weg te wassen. Oordeel en veroordeel niet, maar streef naar het herstel en de verbetering van de dwalenden.” Spurgeon